Blauwe Maan

Jack Reacher is een feest voor lezers die van viriele actie houden. En die worden met Blauwe Maan goed bediend.

Plaats van actie is dit keer een onbenoemde stad van een miljoen inwoners. Groot genoeg om alle kenmerken te vertonen van een doornsnee Amerikaanse stad, waar geldgewin, uitbuiting en overleven de krijtlijnen tekenen. Die krijtlijnen lopen dwars door Center Street, verdeeld onder de Albanezen, en de Oekraïners, die elkaar genoeg respecteren door uit elkaars vaarwater te blijven. Het stadje baadt in een genoegzame sfeer van Law en Order, waarbij politie heel actief de andere kant opkijkt.

Van al dat is Reacher zich nog niet bewust, wanneer hij op de Greyhound een gelegenheidsdief gadeslaat, die een oude man in de gaten houdt, die geen oog heeft voor zijn opzichtige geldbundel in zijn binnenzak. Geïntrigeerd door de nakende overval achtervolgt Reacher de overvaller-in-spé die de oude man achtervolgt, die niets vermoedt.

Op het moment dat de overvaller wil toeslaan, slaat Reacher toe. Het bijna-slachtoffer, een oude man, Aaron Shevick, neemt Reacher dankbaar mee naar huis, waar het probleem waarmee hij worstelt aan het licht komt. De toekomst van het oude koppel hangt af van die van hun enige dochter, een succesrijke zakenvrouw enkele steden verderop, die echter met kanker worstelt en dure chemokuren krijgt. Wat in het zekerheidsarme Amerika een ramp betekent voor mensen als de Shevicks. Dergelijke operaties moeten immers cash worden betaald en dat kunnen de Shevicks alleen door woekerleningen aan te gaan. In hun geval zijn ze te rade gegaan bij de Albanezen van het stadje.

Maar vanaf vandaag krijgen ze dus de hulp van Reacher, redder in nood, die het hele boek door ervoor zal zorgen dat deze mensen geen haar wordt gekrenkt.

Dat kan helaas niet worden gezegd van alle Albanezen en Oekraïners uit de stad.

Reacher observeert eerst de situatie, informeert zich bij het plaatselijke juridische helppunt en gaat aan de slag. Wat volgt is een haast karikaturale bendestrijd die soms de toon benadert van wat je kent uit de Kill Bill’s. Gebruikmakend van hun blinde vlek, dringt Reacher door hun organisaties en slaat (letterlijk) op zo’n manier toe, dat de bendes denken dat een derde nationaliteit orde op zaken komt stellen en het stadje wil overnemen. Een regelrechte bendeoorlog is er het gevolg van, waarmee Albanezen en Oekraïners elke minuut van de dag hun korte lontjes tonen en elkaar beginnen uit te moorden.

Door zijn gekende brutaliteit en directe actie maakt Reacher furore en als lezer heb je vaak de neiging om te juichen, telkens alweer een bandiet op spectaculaire manier in het zand bijt.

Deze richting heeft Lee Child duidelijk al een tijdje gekozen. Was Jack Reacher bij aanvang van zijn trektochten door Amerika nog een inspecteur met een plan, desnoods een MP met een verleden, dan is hij nu meer een lopende wraakmachine, die veel overeenkomsten vertoont met striphelden. Niets of niemand kan hem stoppen en hij heeft voor alles een oplossing. Alleen mentaal maakt hij wel eens een opmerking die alludeert op zijn kwetsbaarheid.

De Love intrest – alweer een vast detail in elk boek – is dit keer Abby, een dienster bij een van de bars van de Albanezen (of waren het nu de Oekraïners?). Abby is vrij vlug bekeerd tot het Reacher-kamp en blijkt net zo goed een vechtjas die hem soms in de rug dekt. Stilaan komt het koppel dichter naar de kern van de zaak, het motief waarom de zaakjes van de bendes zo goed georganiseerd zijn.

Kortom, je moet de boeken van Reacher meer en meer met een korrel zout nemen. Het wordt nergens belachelijk, zelfs niet wanneer de doden met bosjes vallen, meestal omdat ze zelf de trekker overhalen. Het lezen van Reacher doet appel op je stiekem genot van wraakneming. De strijd van David tegen een leger van Goliaths, hoewel in dit geval het David is die boven iedereen uittorent.  

Nóg, graag. En vlug wat.