De Accountant

Hurwitz is van vele markten thuis. Eerder was hij scriptschrijver voor alle grote productiehuizen, daarna schrijver voor graphic novels van o.a. Marvel. Hij heeft een master in de Shakespeareaanse tragedie en verzamelde door al dit de nodige bouwstenen voor een carrière als novellist. Hij werd vertaald over de hele wereld. In 2012 schreef hij opnieuw voor een stripgigant The Dark Knight (Batman).

Niet verwonderlijk dat in zijn thrillerplots dus wel wat overdaad steekt, zoals in dit boek, De accountant, waarin het hoofdpersonage De Nowhere Man is.

Het boek begint heel sterk, met een raid op een hospitaal. Het brengt ons de naam Grant Merriweather, die doorverwijst naar zijn neef Max. Die Max is een nobody, een paria van zijn eigen familie, en daarom veilig genoeg voor Grant om hem een geheim toe te vertrouwen, dat in de rest van het boek als een McGuffin dienstdoet.

Met meer geluk dan wijsheid ontkomt Max aan zijn eerste moordaanslag. Een geluk voor hem dat iemand hem op het spoor zet van de Nowhere Man, waardoor we eindelijk bij de hoofdpersoon terechtkomen. De Nowhere Man, weten we uit vorige boeken, is iemand die zich totaal inzet voor de verlorenen van de maatschappij. Ze na hun redding de boodschap meegeeft dat ze de volgende klant moeten leveren. Alleen zal Max de laatste klant worden van Nowhere Man, eigenlijk Evan Smoak, want hij wil eindelijk aan een nieuw en normaal leven beginnen. Hij heeft daarvoor het juiste vrouwtje zien rondlopen, eentje die bij de rechtbank zelfs openbaar aanklager is.

Goed, maar eerst de Zaak Max nog, en dat blijkt een hele klus. Want de eerste boosdoener, Terror genaamd, een meedogenloze moordenaar die zich bezighoudt met hondengevechten, en geen mietje om aan te pakken, delft echter vlug het onderspit. Evan is immers begiftigd met ferme gevechtstechnieken, een coole actiecentrum, waarbij hij de zestienjarige hackster Joey als back-up heeft.

Het originele aan deze plot is dat met het doodmaken van Terror er nog niets klaar is. Het gevaar voor Max blijft dreigen, zodat Evan opnieuw moet uitzoeken wat er gaande is. En nog eens. En nog eens. Onderweg krijgt hij nog een klap op zijn hoofd, waardoor hij voortaan met een zware hersenschudding rondloopt, iets wat hem fataal kan worden bij een tweede klap.

Het klinkt allemaal behoorlijk spannend, en dat is het ook, maar Hurwitz brengt ook enkele dolkomische momenten. Evan woont namelijk in hetzelfde appartementenblok als zijn geliefde, maar heeft verplichtingen tegenover de overige bewoners. Zo moet hij zich inzetten als secretaris van het blokcomité en wordt zijn mening ook gevraagd voor domestieke problemen, iets waar hij niet goed in is, en zelfs klungelig op reageert. Dan heb je nog zijn hyper uitgezuiverde toestand bij hem thuis, waar hij op zeker moment met zijn magnetische schoenen aan zijn metalen, klinische bed hangt en daar op potsierlijke manier van moet ontsnappen. Kortom, enkele gênante situaties voor een krachtpatser.

Toch wordt op het einde de thriller nog bloedspannend, vooral wanneer hij vrijwillig in een gevangenis moet geraken om daar iemand te vermoorden, op één dag.

De accountant is een bijzonder en goedgeschreven boek, waarin sommige passages de spanning durven breken en soms op slapstick lijken. Een erfenis van zijn stripperiode?