Blauwe maandag

Nicci French heeft het zich niet gemakkelijk gemaakt. Als ware artiesten die constant hun schepen achter zich verbranden om zich in nieuwe avonturen te storten, zegden zij hun vertrouwde systeem vaarwel. Alle boeken van Nicci French tot dusver gingen over een eenzame vrouw in moeilijkheden. Van daaruit spon het echtpaar een verhaal, waarin originaliteit wedijverde met spanning, een procédé dat hen geen windeieren legde.

Het pleit voor hen dat ze met Blauwe maandag nieuwe horizonten opzoeken. De horizon van Frieda Klein, een jonge psychoanalytica, die voor eigen rekening werkt binnen een groepspraktijk, The Warehouse.
Het verhaal begint met de verdwijning van de kleine Joanna, zo’n 22 jaar geleden. Op dat ogenblik hoort Frieda van een patiënt dat hij naar een zoon verlangt, die hij beschrijft en al. Overtuigd dat het een wensdroom is, slaat Frieda er geen acht op, tot precies zo’n jongetje verdwijnt. En als Frieda een jeugdfoto ziet van de patiënt, Alan, weet ze wel zeker dat er iets mis is. Ze doet haar plicht, breekt het beroepsgeheim, en stapt naar de politie. De commissaris waarmee ze contact heeft, gelooft haar, maar gaat dikwijls in de clinch vanwege haar risicovolle initiatieven
Van dan af begint het verhaal te rollen: traag en met veel obstakels, te veel om in dit korte bestek te schetsen. Ondertussen maken we kennis met het wereldje van Frieda Klein. Haar nichtje en haar zus, die commentaar geven op haar tijdsgebruik, een collega van The Warehouse met een alcoholprobleem en Josef, de gastarbeider uit Oekraïne die letterlijk de show steelt, als hij door haar plafond valt, en zich ontpopt tot een laconieke troetelbeer. Al deze figuren zien we ongetwijfeld assistent terug in de volgende boeken.
Blauwe maandag geeft het juiste gevoel: dit was een pilot van een langlopende serie. Met alle nadelen van een veelheid aan personages en plotlijnen, maar met de belofte op een avontuur dat eeuwig duurt.