De Advocaat

Schrijnend gebrek aan originaliteit

David Driesen heeft alles van een loser. Als (de) advocaat koestert hij professionele ambitie, maar wordt door zijn partners aan het lijntje gehouden. Hij probeert amechtig zijn huwelijk te redden, maar ook die match verliest hij. David zoekt zijn gram bij internetpoker, waarmee hij al zijn spaarcenten verspeelt. Meer kat in het bakje kun je niet zijn.

Doordat hij zich als advocaat niet druk maakt over schuld of onschuld, komt hij in het vizier van de meedogenloze zakenman Hein Wesseling. Hein palmt David in en vrijt hem op met opdrachten, lekker eten, cash geld en gratis vrouwen, in ruil voor enkele goed gekozen handtekeningen. David zakt weg in een moeras van financiële en psychische problemen want uiteraard komt loontje om zijn boontje. In het laatste deel van het boek houdt David zowat alle ballen tegelijk in de lucht.
Ik mis: zinderende personages, dialogen die me van mijn stoel blazen, plotwendingen die ik niet zag aan komen, ijzingwekkende sfeer, originele setting, onderhuidse humor, tempo, ….
Ik krijg: een psychopaat die van meet af aan doorzichtig is, behalve voor David. Een tweede verhaallijn die niet boeit. Een zielig hoofdpersonage zonder ruggengraat, weliswaar door zijn echtgenote bedrogen. Een afloop die zich veel te vlug laat raden. Kortom: een schrijnend gebrek aan originaliteit. The Devil’s Advocate, Faust revisited, heeft dit zelfde thema een stuk sterker neergezet.