De Erfgenaam

Charles Den Tex is een uit Australië aangespoelde Nederlander, die als niet een de Nederlandse taal beheerst en bespeelt. Van zijn dertien thrillers werd zowat de helft genomineerd of bekroond. Met een onthutsende regelmaat presenteert hij boeken die buiten de comfortabele zone liggen qua onderwerp, maar met een kwaliteit die velen hem benijden.

Met De erfgenaam schiet hij opnieuw in de roos. Breder Weltmann is de laatste telg van een familie kolendelvers uit Zuid-Limburg. De familie Weltmann werd niet alleen rijk door kolen uit de rijke ondergrond te halen, maar ook machtig door het verstandig opkopen van de juiste percelen grond. Breder woont nu op de top van de heuvel, met uitzicht op de stad, die zijn voorouders generaties lang werkkrachten leverde. Hoewel Breder lang niet zo arrogant is als zijn vader of grootvader, is zijn aanzien enorm.
Tot iemand zijn prachtige huis, boven op de berg, opblaast. De knal, gekoppeld aan de aanwezige gasreserves, maakt alles met de grond gelijk. Breder moet zijn leven heroppakken. De enige die hem helpt is Anna van het hotel, al een jaar of zeven zijn minnares.
Op bezoek bij zijn neef wordt Breder plots aangerand in diens huis. Hij wordt daarbij letterlijk aan de grond genageld en verzocht de sleutel van de kluis te leveren. Pas dan begint het Breder te dagen dat hij al die tijd boven op een familiegeheim heeft geleefd, waar iemand anders meer van weet. Er zit niets anders op dan zelf op onderzoek te gaan. Meer dan hem lief is peutert hij in de geschiedenis van zijn familie.
Een bijzonder origineel en aangrijpend verhaal, met veel geduld verteld. Personages staan als een huis, vooral Breder blijkt een intelligente, rechtschapen man. De manier waarop hij zijn belagers opzoekt, uitrookt en uiteindelijk te slim af is, berust op een goed uitgedacht plan. Dit is spanning van de bovenste plank.