Het laatste bevel

Pieter Aspe. In feite Pieter Aspeslag.
Geboren Bruggeling, zestig jaar geleden. Gewone volksjongen geweest, na middelbare studies plus brosjaar op universiteit, getrouwd en begonnen aan een carrière genre 12/13.
Aspeslag gebruikte een aantal uiteenlopende baantjes om zichzelf te bewijzen dat hij voor niets deugde en zeker niet kon aarden onder een baas.

Uiteindelijk vond hij plezier als zelfstandig brocantier, met het onderhoud van wat meubeltjes. De sector kreeg het echter moeilijk en persoonlijk werd hij geplaagd door een allergie aan ammoniak en logen.
De eerste deus-ex-machina uit het leven van Aspeslag was de pastoor van de Heilige Bloedkapel. Ze kenden elkaar vanwege enkele verwaarloosde biechtstoelen, maar nu bood de geestelijke hem de post aan van conciërge. Aspeslag zei ja vanwege het spreekwoordelijke brood op de plank. Pas na enkele jaren voelde hij de vingers kriebelen om te schrijven. “Mijn laatste poging om mijn leven richting te geven”, zegt hij zelf. Poging gelukt.
Zijn debuut, Het Vierkant van de Wraak was bescheiden van omvang, maar bezat een goede plot. Het stelde meteen de drie klassieke hoofdfiguren voor: Commissaris Pieter Van In, Guido Versavel en procureur Hannelore Martens. Die Schone, de Slimme en Het Beest.
Pieter Aspeslag werd Pieter Aspe. We schrijven 1996. Slechts twee Vlaamse thrillerschrijvers, die titel waardig, waren bedrijvig: Geeraerts en Mendes. Aspe bracht een nieuw geluid en groeide langzaam uit tot het vlaggenschip van de Vlaamse thriller. Hoewel hij zelf feestelijk bedankt om voor eender welke vloot uit te varen.
Aspe heeft altijd geweten wat hij wel en niet kan. Of kon. Dat is een gave. In 1996 was hij mans genoeg voor zijn eerste thriller, maar in de jaren erna, wanneer zijn succes stelselmatig groeide, was hij slim genoeg om zijn conceptuele thrillers te slijpen tot een handelsmerk.
Hoewel hij in elk boek met andere namen en feiten komt blijft Commissaris Van In zich gedragen als een olifant in een porseleinenwinkel, die rebelleert tegen machtsvertoon en autoriteit. Net zoals Aspe het zelf heeft gedaan. Van In leeft bovendien als een begenadigde Bourgondiër die beter kan nadenken wanneer hij een paar Duvels achter de kiezen heeft. Net zoals Aspe zelf, toch tot zijn hartaanval van 2006.
Pieter Versavel vormt het tegengewicht. Hij werd de bekendste homo van het land, zeker wanneer VTM de eerste Aspe-serie op tv uitbracht. Hiermee doorbrak Pieter Aspe de laatste barrière van de bekendheid: op tv komen.
Sindsdien hebben Aspe en zijn publiek elkaar gevonden. Gedreven door de aandacht en steun die hij van zijn uitgever heeft verdiend, publiceert Aspe met de regelmaat van een klok zijn twee boeken per jaar. Vandaag ligt nummer 32 in de winkel: Het laatste bevel. (zie kadertekst).
Tweeëndertig! Het is bon ton daar smalend over te doen, maar dat hoeft helemaal niet. In die reeks boeken zitten weinig meesterwerken tussen, maar ook geen enkele miskleun. Het oeuvre van Aspe getuigt constant van een zeer goede middelmaat, zwevend tussen drie en vier sterquoteringen. Zijn personages mogen stereotiep zijn, de plots zijn doordacht. Het werkt bovendien, want de boeken van Aspe hebben dezelfde aantrekkingskracht bereikt als de boeken van Reader’s Digest uit de jaren zestig: iedereen heeft ze, niet iedereen leest ze. Boekenkastmusts.
Doe ik hem daarmee te kort? Ik vind van niet. Aspe wint nooit een Nobelprijs, maar wie wel? Doch Aspe vervult met brio de premisse van een schrijver: gelezen worden. Zijn boeken werden intussen vertaald in het Engels, Frans, Duits, Italiaans, Spaans, Pools en Zuid-Afrikaans. In juni wordt The Square of Revenge uitgebracht in de Verenigde Staten.
If you make it there, you can make it anywhere.