Lydia

Van oudsher creëert Felix Thijssen een eenmalige vrouwelijke hoofdpersoon waar hij veel vlees en leven aan brengt en wiens voornaam hij kiest als titel. Daar laat hij dan zijn privé-detective, Max Winter op los.

Lydia krijgt te maken met een man die de vader van haar kind zou zijn. Deze man, lid van de ETA, wil zijn kind nog eenmaal terugzien voor hij in een beschermingsprogramma wordt opgenomen. Winter en zijn partner Bart houden een oogje in het zeil.
Dit is de essentie van deze roman, die de eerste 80 bladzijden echter totaal wordt ondergesneeuwd door zaken die bij de aanbreng horen, maar uiteindelijk niet zoveel belang hebben. Verwonderlijk bij iemand als Thijssen, die anders altijd de juiste toon vond.