Duizend schitterende zonnen

Duizend schitterende zonnen is het bekende vervolg op het nog bekendere De vliegeraar. Beide werken stonden ettelijke maanden in de boekentop-10, wereldwijd. Van De Vliegeraar werden in het Nederlands taalgebied meer dan een miljoen exemplaren verkocht. Van de opvolger wordt gefluisterd dat hij beter is.

Nog beter, wat betekent dat? Wat neem je daarbij als norm? Taal, verkoopcijfers, het conflict?
Beide boeken spelen zich immers af in Afghanistan. In De Vliegeraar ging het om de vriendschap tussen twee jongens die samen opgroeien. Duizend schitterende zonnen is het verhaal van Mariam en Laila. Mariam is een harami, een bastaardkind. Ze wordt door haar vader wekelijks bezocht, maar als puntje bij paaltje komt niet door hem erkend. Op 14-jarige leeftijd wordt ze uitgehuwelijkt aan de veel oudere Rasheed, een schoenmaker uit Kaboel, vele honderden kilometers van haar geboorteplaats. Aanvankelijk kan ze nog rekenen op enige mate van toegeeflijkheid, maar als ze hem niet de zoon kan schenken die hij wenst, valt ze snel in ongenade. Op een dag, temidden van de bombardementen tussen Russen en Taliban, arriveert de dakloze Leila. Vijftien jaar, beeldschoon en bereid Rasheed van zijn geneugten te voorzien, zolang hij haar van straat houdt. Tussen beide vrouwen heerst van meet af aan een gespannen sfeer. Een woede-uitval van Rasheed brengt de twee vrouwen echter op één lijn. Vanaf dat moment zinnen ze op een kans om hun leven weer in eigen handen te nemen.
Het verhaal speelt interactief in op de gewelddadige geschiedenis van Afghanistan. De nederlaag van de Russische kolonisten brengt geen nieuwe perspectieven voor de bevolking. Eenmaal de Taliban aan de macht wordt de vrouwelijke vrijheid met tientallen jaren terug in de tijd gezet. Zeker ogenblik kondigt de Taliban een waslijst af van verboden met daaraan verbonden sancties. Het leest als een modern stukje gruwel, gaat je voorstellingsvermogen ver te boven.
Dit is een boek dat het moet hebben van schrijnend drama. Het wekt zowel wrevel als empathie op bij de rechtgeaarde lezer.
De titel is de eerste lijn van een vers over Kaboel: “Talloos zijn de manen die op zijn daken glanzen;
de Duizend schitterende zonnen achter al zijn muren.”