Tussen de regels

Commissaris Brunetti maakt zijn wandeling door Venetië

Guido Brunetti onderzoekt de diefstal van historische kaarten uit zeldzame boeken.
Bij heel veel boeken zou dit de eerste zin kunnen zijn van de achterflaptekst. In Tussen de regels is dit gewoon de synthese van de plot. Misschien wel de hele plot. Veel meer gebeurt er immers niet.

De plaats delict is de Bibliotheca Merula van Venetië. Brunetti ontdekt dat een Amerikaanse professor weken lang de bibliotheek bezocht, er het vertrouwen van het personeel won, maar tientallen boeken beschadigd blijkt te hebben. Ettelijke bladzijden met historische kaarten werden uit kostbare werken gescheurd. Hoe dat mogelijk was, is een raadsel, want behalve het personeel is er bovendien Tertullianus, een ex-priester. Hij wordt beschouwd als meubilair, omdat hij de afgelopen drie jaar elke dag in de bibliotheek heilige boeken zat te lezen. Toch lijkt ook hij met de Noorderzon verdwenen.
Ziedaar het levensgrote probleem van Guido Brunetti. De boeken zijn definitief beschadigd, de schade is niet te overzien, de dader is spoorloos. Hoe kon deze Amerikaanse professor iedereen zo goed om de tuin leiden?
Qua spanning ontgoochelt dit boek. Ferm. Ik heb nu één Donna Leone gelezen, de andere 24 hoeven voor mij niet. Het ritme is bewust traag, observatie belangrijk, onderhuidse commentaar op de Italiaanse samenleving essentieel. Als lezer heb je beslist geen fiets nodig om Brunetti te volgen, tenzij hij op een vaporetto zou springen. Brunetti wandelt door het verhaal als een intellectuele grijsaard die ten allen tijd bereid is welke Venetiaanse kleinigheid dan ook met wie dan ook te bespreken, liefst bij een ristretto. Ik zat voortdurend te wachten op de verborgen regisseur die plots “Actie !” zou roepen.
Verre van mij om het boek belachelijk te maken. Donna Leon is een schrijfster met miljoenen lezers. Die moet je verdienen, dus waar zit de knoop gebonden? Op zijn minst is dat een even boeiend onderzoek als dat van Brunetti.

Donna Leon wordt de grootmeesteres genoemd van de sfeervolle crime, maar dat vind ik geen punt wanneer Venetië, het grootste cliché ter wereld, het kader vormt waarin je schrijft. Ik begrijp wel waar het succes vandaan komt. Ik ben er zeker van dat horden dames (dit lijkt me een wereld voor dames) Leon op handen dragen, aanbidden en alles kopen wat ze zijdelings aanprijst. Dit is de biotoop voor dottoressa’s en contessa’s, verborgen in chique paleizen, die alles kennen van kunst, opera, muziek en tragiek. De voor hen ordinaire commissario Brunetti, mag al dik tevreden zijn als hij hen te woord mag staan, liefst bij een kopje thee. Donna Leon kon het overigens niet laten haar eigen alter-ego te creëren: zij is Paola, de vrouw van Brunetti, die voor hem bruggen kan slaan naar de rijke, machtige en intellectuele elite van de Dogenstad, wanneer hij daar ook maar nood aan heeft.

Donna Leon lijkt een garantie op succes. Ze verwierf in haar leven tal van kwaliteiten: recensent voor Sunday Times, lerares in Italië en godbetert Saoedi-Arabië. Ze is bovendien een groot operaliefhebster en waagt zich al eens aan de schriftuur van een libretto. Literair schreef ze bijna 25 romans, ze haalt prijzen bij de vleet. Er bestaan themawandelingen in Venetië en een kookboek van de commissaris, kortom Donna Leon is een sterk merk. Zelf ziet ze er op haar 73e uit als een gepatenteerd plaatje, een soort literaire Christine Lagarde, stijlvol poserend op de bruggetjes van Venetië. Toch is ze niet dronken van het succes, want haar boeken worden niet vertaald naar het Italiaans. Het is haar offer om in eigen stad privacy te behouden. Ik ben er zeker van dat een middagje met haar aan de koffie bij het peperdure Florian geen verloren tijd is.
Maar van Guido Brunetti, verlos me, Heer !