Wrede schoonheid

Details overheersen de plot

Een historische thriller: daar komen er te weinig van op ons bord. Mieke De Loof, voormalig voorzitster van de Vlaamse Misdaadauteurs, doet het nu al een poosje. Wrede Schoonheid is het derde boek in een cyclus van zeven over Ksaveri Ignatz, een psychiater, Jezuïet en geheim agent.

Het verhaal situeert zich in het Wenen van 1914, wanneer Ksaveri met zijn ex-professor Von Graff gaat dineren. Kort daarna wordt de prof beestachtig vermoord. Het is maar het begin van een serie moorden, waar noch Ksaveri, noch de Hofrat (soort procureur) noch onderzoekster Elisabeth von Thurn de vinger kunnen achter krijgen. Alles lijkt te draaien rond de kleine meisjes van de kunstschilder Egon Schiele, die hij in al hun ontwapenende kwetsbaarheid schildert en wiens portretten door de moordenaar worden nagebootst.
Het boek blinkt uit in historische details over wat er in Wenen in die tijd allemaal te zien zou zijn. Als kunsthistorica is Mieke De Loof hier bijzonder goed gewapend om een geloofwaardige sfeer te creëren. Alleen overheerst dit aspect soms op de plot en de uitdieping van de personages. Langs de andere kant vond ik het spijtig dat ik niet wat meer te weten kwam over Egon Schiele. Dat Jezuïet Ksaveri bovendien moet uitkijken met zijn gevoelens voor de beeldschone Elisabeth is begrijpelijk, maar een louter professionele band tussen die twee produceert iets te weinig chemie. Al bij al een origineel, lezenswaardig boek.